(Oorspronkelijk: 'Initiatief' - Juni '83 / een idee).
Niet zo erg lang geleden raakte ik in gesprek met iemand die het tótáál niet meer zag zitten; "Hij behoorde", zo vertelde hij, "tot een grote groep mensen die geen toekomst meer hadden".
"Ach wat!" zei ik toen in een poging hem op te monteren, "toekomst genoeg, als je maar om je heen kijkt!" Integendeel, na mij even meewarig aangekeken te hebben, liep hij met terneergeslagen ogen weg. Mij in gepeins achterlatend.
Ik dacht aan al die mensen die zo de hele dag naar hun schoenen liepen te staren en aan het feit dat ze daar beslist niet vrolijker van werden. Want welke schoen lacht je vandaag de dag nog vrolijk glimmend tegemoet? In dit heldere ogenblik staakte ik mijn gemijmer en ging over tot een meer actievere gedachtegang.
Ik zag een taak voor me weggelegd èn een gat in de markt, letterlijk en figuurlijk; schoenpoetster zou ik worden! Op de zaterdagmarkt zou ik gaan staan en scheppen guldens verdienen. Wie heeft dààr geen piek voor over, om binnen 3 min. weer op prachtig gepoetste schoenen rond te lopen? Het bespaart je ook nog een paar smerige handen en sokken, tijd en dure schijnpoetsmiddelen (dat zijn van die vlugpoetsmiddelen: in 1 minuut erop en in 5 minuten er weer af). De echte schoensmeer verlengt de levensduur van een paar schoenen tot minstens 5 maal en als iedereen er op een gegeven moment zo blij gepoetst bij loopt zal dat ook z'n uitwerking op het milieu hebben! Niemand wil meer onprettig verrast worden door honden uitwerpselen, klodders mayonaise, kauwgom en wat we nog meer geneigd zijn om ons heen te slingeren.
Het enige wat ik nodig had om dit grootse idee tot uitvoering te brengen was: één m2 staan/zitplaats, gemarkeerd door een kokosmat (daar glijd je niet op uit en dat gaat ook op straatstenen 30 jaar mee), een klapstoeltje, wat oude lappen en echte schoensmeer.
Ik verheugde me al op de bewondering en waardering die ik in mijn gezin zou oogsten, als ik dat van mijn plan op de hoogte zou brengen. Maar, zover was ik nog niet, eerst volgden er nog maanden van research. Wekelijks liep ik over de markt op zoek naar een strategische plek, voor mezelf èn voor de paar mud modder die ik van plan was op verschillende punten uit te storten teneinde de eerste toeloop wat te bevorderen. Uiteindelijk had ik het hele plan uitgewerkt. Alles stond netjes in een foliootje genoteerd en ik achtte de tijd rijp mijn man van mijn voornemens in kennis te stellen.
Zijn reactie was ronduit gezegd tamelijk teleurstellend, i.p.v. mij waarderend op de schouders te kloppen, zei hij heel koeltjes: "Als er volgens mij één persoon in Alkmaar e.o. is die een gruwelijke hekel aan schoenpoetsen heeft, dan ben jij dat wel!"
Dàt was ik helemaal vergeten! Ik herstelde me een beetje en opperde: "Dan kun jij m'n compagnon wel worden en delen in de winst!"... Geen antwoord.
3 uur later, terwijl ik nog zat na te denken over dit euvel, klonk het vanuit het duister (ik had m'n ogen dicht): "Weet je trouwens dat je binnen de kortste tijd door de organisatie van schijnpoets-fabrikanten van je kokosmatje zou worden gevaagd? Die kunnen dit soort initiatieven niet gebruiken, wat dacht je tegen hun macht te beginnen?" Wederom had hij gelijk."Tja," antwoordde ik, niet erg gevat. "Er schiet me nóg iets te binnen, ik hèb niet eens een kokosmatje van 1 bij 1 om van weggevaagd te worden. Zonder zo'n matje weet niemand waar mijn plaats is en zulke matjes liggen ook niet zomaar voor het oprapen!" Ik deed mijn ogen weer open, ik had genoeg gezien.
Vervolgens trok ik mijn jas aan, de deur achter me dicht en ging op zoek naar die terneergeslagen man, om hem te vertellen dat er weer hoop voor hem en de zijnen was, mits ze allemaal maar een kokosmatje hadden! Kokosmattenhandelaar* zou ik worden... Ik zou het mijn man later wel uitleggen.
*Kokosmattenhandelaar: Oud Bargoens voor Uitzendbureau.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten
Plaats hier uw leuke opmerking: